Menu:

Laatste nieuws:

Sterre
jul 11, 2007
Onze dochter Sterre is geboren op 2 juli!
[More]

Artikel Aland online
jun 29, 2007
Artikel van onze vakantie naar Aland is online!
[More]

Pagina Marokko-reis
apr 4, 2007
Een pagina over de tocht in de woestijn toegevoegd met foto's en geluidsfragment van de muzikanten.
[More]

Mexico: het duiken

We zijn in 2001 naar Mexico gegaan om daar te duiken en te reizen. Het reisverhaal staat elders op de site.

We hadden thuis op internet al informatie gezocht over duikscholen op Cozumel, omdat het daar volgens de verhalen veel mooier zou zijn dan het rif voor Playa del Carmen. Maar omdat dat eiland uit weinig anders bestaat dan hotels, duikscholen en toeristenshops, en we op het vasteland verbleven in het huis van Marike en Ferry in Chemuyil, hebben we niks van tevoren geboekt. We lieten ons door Ferry ter plekke een betrouwbaar duikcentrum aanbevelen en zo kwamen we terecht bij The Abyss in Playa. Daar kochten we een pakket van vier zeeduiken en twee cenoteduiken. Om toch kennis te maken met het rif voor Cozumel, zijn we later zelf met onze duikspullen met de veerboot naar het eiland gegaan en hebben op de pier de (ook door Ferry aanbevolen) duikschool Caballito del Caribe opgezocht.

SchildpadZeeduiken

Dollars betalen, formuliertje invullen, adaptors regelen voor onze din-automaten, spullen aantrekken en op het bootje klauteren dat voor het strand lag. Ze hadden voor elke duiker twee flessen mee, want we zouden tussen de twee duiken door niet terugkeren. Lunches zitten overigens niet bij het duiken inbegrepen, maar omdat je om een uur of één weer terug bent, heb je genoeg gelegenheid om zelf je favoriete restaurantje te zoeken.
Het rif voor Playa is plat en relatief ondiep (maximaal 25 meter), en alle duiken zijn driftduiken. Makkelijk dus. Totdat je wilt proberen een schildpad in te halen voor de foto, want die gekke dingen zwemmen om een voor mij onduidelijke reden altijd tegen de stroom in. En dan stroomt het niet hard, maar de schildpad is altijd sneller. En het waren er véél op Tortuga Reef! We hebben er twee duiken gemaakt en beide keren zagen we er een stuk of acht. En dan zeggen ze dat duiken hier niet zo bijzonder is!

SponzenDe hoeveelheid vis en het aantal soorten lag overigens beduidend lager dan wat we gewend waren van de Rode Zee-safari's. Murene's, keizervissen, vlindervissen en dergelijke waren er volop. En wat ik heel erg mooi vond, waren de sponzen in prachtige kleuren. Vooral de enorme kokervormige sponzen met een bijna doorschijnend paarse kleur, van een diameter zo groot dat ik er bijna in kon zitten. Maar ik miste bijvoorbeeld de anemoonvisjes en de slakken. Misschien zijn we eroverheen gedreven zonder ze te zien, en we moesten ook bij de groep blijven omdat de boot ons weer op zou pikken zodra de gids een signaalboei naar de oppervlakte stuurde. De duiken duurden meestal toch wel zo'n vijftig minuten (inclusief veiligheidsstop), dat is de moeite. Ook de duiken op Cozumel, waar we mededuikers troffen die maar een paar (tien) duiken hadden en nog niet konden trimmen, maar daarentegen wel vrij zuinig in hun luchtverbruik bleken te zijn.
French angelCozumel vonden we niet heel veel leuker dan Playa. Maar de Palancar Gardens en Tormentos Reef waren wel interessanter qua vormgeving, er waren meer gaatjes en hoekjes en 'swim throughs'. We hebben hier een slakje met de naam 'Flamingo Tongue' gevonden en de French Angelfishes waren erg nieuwsgierig.

Cenoteduiken

Cenoteduiken is een verhaal apart. Cenotes zijn de zoetwaterbronnen van de Maya's. Eigenlijk zijn het gaten in de grond, waar het plafond in het netwerk van ondergrondse rivieren is ingestort. Ze geven toegang tot het labyrint van tunnels, waar zich heel vroeger druipsteenformaties hebben kunnen vormen in het kalkrijke plateau van Yucatan. Het zoete water waar het zich later mee vulde, is drinkbaar (nog wel) en het is nog steeds een van de levensaders van het schiereiland.
Ik heb maar steeds gezegd dat ik niet wist of ik daar wel in durfde. Ik heb een beetje engtevrees en je moet je grenzen durven aangeven. Maar iedereen verzekerde me dat je contact blijft houden met het daglicht, de groepen zijn klein en beginners gaan er ook in. En toen ik eenmaal toch tussen de stalagtieten en -mieten zweefde, voelde ik meer eerder een jonge hond in de speeltuin dan een vogel in een schoenendoos. Het was LEUK! en MOOI! Dos Ojos heeft dan ook wel prachtig versierde balzalen. Ook stukken waar je géén daglicht zag, maar toen ik twee van die duiken had gemaakt, wilde ik alleen maar MEER! Cor ook trouwens. We hebben tijdens de rondreis die we daarna maakten steeds maar geld geteld en gehoopt dat we nog genoeg dollars zouden overhouden om aan het eind nog een keer de cenotes in te gaan.



Dat het water zo helder is dat je niet eens ziet dat er water is, droeg natuurlijk wel bij aan de feestvreugde. En toen we inderdaad nog geld over hadden en in Chac Mool en Taj Mahal doken, hebben we ook genoten van het natuurverschijnsel halocline. Die grotten zijn namelijk met zoet én zout water gevuld en het zoete water blijft op het zoute drijven. Daardoor ontstaat er een zichtbare scheidslijn. Als je daar doorheen wappert, vermengt het water zich gedeeltelijk en lijkt het net alsof je door de zinderende lucht boven het hete asfalt kijkt.

Ingang Dos Ojos

Toen een grotduiker-vriend van Marike op de deur klopte om te vragen of we mee wilden, zijn we weer gegaan. Weer naar Dos Ojos. Maar nu hadden we een privégids waarmee we ons eigen tempo konden bepalen en hebben we twee duiken gemaakt van anderhalf uur in plaats van twee rondjes van drie kwartier. Het water is 25 graden en het is maximaal 14 meter diep, dus dat kon makkelijk. Bovendien zijn we (natuurlijk na dat duidelijk besproken te hebben) iets dieper de grot ingegaan (100 meter). Sommige stukjes waren wel iets krapper, maar ik heb me geen moment onprettig gevoeld. Wel de lijn - die door alle in kaart gebrachte grotten ligt - en de pijltjes naar de uitgang goed in de gaten gehouden voor het onwaarschijnlijke geval dat onze gids dat niet meer voor ons zou kunnen doen. Het was allemaal prachtig en kicken en onze cave vriend zei zelfs dat dat nog maar het begin was. Dus nu denken we er over om een keer een opleiding grotduiken te doen. En dan mogen ze me zwaar testen met silt-outs en lijnen blind volgen en dat soort oefeningen. Want het is natuurlijk wel zo: zo lang het goed gaat, gaat het goed, maar als je een probleem niet hebt kunnen voorkomen, moet je het wel kunnen oplossen.

***

Praktisch:

Boek: Caverns Measureless to Man, Sheck Exley. Cave Books, 1994 (isbn 0-939748-25-8). Van een van de pioniers van het grotduiken.