Menu:

Åland, een ontdekkingsreis voor wrakduikers

(Verslag van een duikvakantie in juli 2006. Gepubliceerd in Duiken, juni 2007)


De Vasa in Stockholm


De omgeving van Åland, het Finse eilandenarchipel voor Stockholm, is een waar scheepskerkhof van nieuwe en oude wrakken. Ideaal voor wrakduikers die eens wat anders willen. Door de omstandigheden in de Baltische Zee zijn veel wrakken in goede staat en bereikbaar voor technische én recreatieve duikers. Een ontdekkingstocht.

Tekst Jesca Zweijtzer
Foto’s Cor Kuyvenhoven
 

We springen vanaf het platformpje achterop de boot het water in. Bij de boei dalen we af naar een meter of tien, waar het touw in de rots verankerd zit en vervolgens een bijna haakse bocht maakt. Het is de lijn die ons naar de steven van de Plus brengt, een houten driemaster uit de negentiende eeuw. Het wrak begint op zeventien meter. We volgen de houten railing, zwemmen over de openstaande dekluiken. Aan stuurboordzijde zien we de loopplank uit liggen en een gebroken mast waarvan het uiteinde zich aan ons zicht onttrekt. De stuurhut zijn we al gepasseerd.

De Plus

We bewonderen nog even een tros katrollen en de ankerlier en dan zijn we bij de boegspriet. Ik duik er onderdoor om de spiraalvormige versiering te kunnen bekijken en via de bodem zwem ik langs de wand van het schip weer naar hogergelegen delen. De maximum diepte is hier 34 meter en we moeten zo langzamerhand weer richting oppervlakte als we de nultijd niet willen overschrijden. Ik vind het jammer. Het is de laatste duik deze week, en ondanks het slechte zicht beginnen we dit wrak, nu we hier drie duiken hebben gemaakt, net een beetje te leren kennen. Het is indrukwekkend te zien hoe het houten zeilschip na meer dan honderd jaar nog in zo’n goede staat is. De watertemperatuur van vier graden begint echter ook zijn tol te eisen: verkleumde vingers zijn nóg een goede reden om de ondiepte op te zoeken.

Zoetwaterzee

Het contrast met de eerste duik deze week is groot. Toen doken we ook op de Plus, onze allereerste kennismaking met de Baltische Zee. We hadden ons niet echt gerealiseerd dat we zouden afdalen naar steeds kouder wordende waterlagen, bovendien hadden we niet meer dan anderhalve meter zicht. Dat viel tegen na de enthousiaste briefing die Ville Lundqvist ons in zijn duikschool had gegeven, de avond ervoor. Gelukkig bleek het slechte zicht maar plaatselijk te zijn: de andere wrakken die op ons programma stonden lagen verder van de kust en verder van de drukke vaarroute van de veerboten vandaan, en dat scheelde een hoop. Ik was dan ook blij om op de laatste dag weer naar deze topper terug te gaan. Inmiddels gewend aan het duiken in de zoetwaterzee tussen Zweden en Finland wilde ik de Plus een nieuwe kans geven, en dit keer stelde ze me niet teleur.

Grillig landschap

Duiken rond Åland betekent onvermijdelijk ondergedompeld te worden in een stukje maritieme geschiedenis. Door de eigenschappen van het water en het klimaat kom je weinig leven tegen. Het grillige landschap van de eilandenarchipel, dat zich onder de zeespiegel voortzet, is er wel debet aan dat de bodem in de loop der eeuwen bezaaid is geraakt door wrakken van alle soorten en maten.

Kaartje van Aland met wraklocaties

De meeste zijn ongetwijfeld in donkere, stormachtige nachten op de klippen zijn gelopen. Dat geldt voor de Plus, die in 1933 na twee weken varen vlak bij de thuishaven Mariehamn in slecht weer terecht kwam. Ze schoten vuurpijlen af in de sneeuwstorm, maar kregen geen reactie van de pilothouse en het licht van de kleine vuurtorens was uit. Toen ze probeerden zonder hulp de haven binnen te komen, liepen ze op een rots. Daags voor kerst kwamen twaalf van de zestien bemanningsleden om, niet ver van huis vandaan. 

Duik op de Nederland

Zoiets overkwam ook de Nederland, op 18 december 1917, terwijl ze onderweg naar Rusland was. Deze tjalk kon door het slechte weer de fatale rots niet meer ontwijken, maar de bemanning had meer geluk: alle opvarenden werden gered.

De Nederland

Hoe dit bootje werkelijk heette, is niet bekend. Maar in duikerskringen wordt het de Nederland genoemd naar de thuisbasis, omdat dat nog leesbaar is op een van de twee naamplaten op de boeg. Voor ons natuurlijk extra leuk om een duik op te maken, helemaal omdat we volgens Ville de eerste Nederlanders zijn die hier duiken. De houten boot van vijfendertig meter ligt netjes op de kiel, de oorspronkelijke lading bakstenen ligt er nog in, stuurwiel en anker zijn duidelijk herkenbaar. Het verhaal komt tot leven als we rustig van voor naar achter zwemmen om alle details te bekijken. Even verderop ligt ook nog een zeilbootje dat we via een gidslijn bereiken, wat een aardig uitstapje is naar een kunststof ‘niemendalletje’ gezonken in 1970. We doen een rondje langs de railing en over de zeilen, en gaan dan gauw weer terug naar de tjalk. Na drie kwartier geven de verkleumde vingers weer aan dat we ons naar de warmere waterlagen moeten verplaatsen, om de duik met een veiligheidsstop af te maken.

Eiland met één huis

We nuttigen vandaag de lunch van zelf klaargemaakte boterhammen en wat fruit dit keer aan land, in plaats van op de boot. Op Rödhamn, een heel klein eilandje met niet meer dan één huis, één bar, en één klein museum – een voormalig radiostation. Het eiland bestaat uit prachtig rozerood gekleurde rotspartijen, die er op de meeste plaatsen lieflijk afgerond uitzien, maar aan de westkant een woeste kust vormen die romantisch beschutte plekjes biedt met uitzicht op de ondergaande zon. Een fraai stukje Åland, dat in de winter onbewoond is.

Rodhamn

Zo zijn er talloze kleine en grotere eilanden, in totaal zelfs ruim zesduizend! Van de 26.000 inwoners wonen er ongeveer 10.000 in de enige stad die Åland rijk is, Mariehamn. De rest leeft verspreid over de ‘slechts’ tachtig bewoonde eilanden. Een deel van die eilanden is met elkaar verbonden door bruggen, maar de bewoners zijn voor een aanzienlijk deel ook afhankelijk van transport met veerboten. En omdat de contacten met Zweden en Finland van levensbelang zijn in verband met de aanvoer van goederen en toeristen, is er op aangewezen routes druk verkeer op het water. Als duiker heb je er weinig last van, omdat Ville en zijn collega’s de wrakken waarop gedoken wordt zorgvuldig uitkiezen. Maar als je zo’n bakbeest voorbij ziet komen, op weg naar het vasteland, dan voel je je behoorlijk klein!

De boot van Ville Lundqvist en een veerboot op de achtergrond

Trimix

Ville kent veertig wrakken in de omgeving. Een aantal daarvan ligt op een diepte tot dertig meter, veel wrakken zijn alleen bereikbaar voor trimixduikers. ‘Daar zitten wel schitterende exemplaren tussen hoor!’ verzekert hij ons. ‘Nog relatief weinig bedoken en goed behouden omdat ze in het koude, zuurstofarme water bijna niet vergaan.’ Hij organiseert veel duiktrips voor trimixduikers, vooral de Zweden komen graag een lang weekend. De faciliteiten zijn er ook allemaal in zijn duikcentrum Oxygene Dive & Adventure Center. Hij moet daarvoor wel zelf met auto en veerboot naar Zweden om helium en zuurstof te halen, wat tijdrovend en weinig praktisch is. Maar op de dagen dat hij afwezig is, nemen Lukas en Viktoria de zaken waar. Lukas heeft ruime ervaring met het varen van de boot, dus alles kan gewoon doorgaan.

Vijfhonderd wrakken

Wij hebben geen trimixbrevetten, Ville heeft daarom een programma voor ons bedacht waardoor we de hele week gewoon binnen onze limieten kunnen duiken. ‘Ik hoop over twee jaar weer tien nieuwe wrakken aan de lijst te hebben toegevoegd,’ zegt hij veelbelovend. ‘Misschien hebben we hondervijftig meter van de Plus vandaan nog een ander wrak ontdekt. Volgens de gegevens van het maritiem museum hier in Mariehamn – die ze helaas niet willen vrijgeven - zijn de locaties van wel vijfhonderd wrakken bekend. Voor een deel zijn dat bijvoorbeeld kleine, oninteressante bootjes die in de achttiende eeuw zijn gezonken, tijdens de oorlog tussen Zweden en Rusland. Maar er zijn ook grote vracht- en passagiersschepen onder. Een paar jaar terug heeft men zelfs een Nederlands handelsschip gevonden, dat in de achttiende eeuw met een lading kunstschatten, bestemd voor de keizerin van Rusland, is gezonken: Vrouw Maria. Slechts veertig meter diepte, nog mooi intact, en met een hele interessante lading! Spijtig genoeg mogen we daar niet op duiken.’

Vrouw Maria ligt ook te ver weg. Om logistieke redenen brengt Ville zijn gasten alleen naar wrakken die binnen een dag te bezoeken zijn. Maar dat biedt nog genoeg gelegenheid om vanalles te ontdekken. Zijn opmerking dat de bezoekers ook nog wel eens iets nieuws vinden op of naast een wrak waar al veel op gedoken is, prikkelt onze avonturiersgeest. Laten we het water maar weer in gaan!

Zusterschip

Gedurende twee dagen duiken we op wrakken die iets verder van de kust en vaarroutes gelegen zijn. De eerste dag vaart Lukas de boot naar een haventje dat dichter bij de duikstekken ligt. Wij rijden er later met de auto naartoe, wat ons de tijd geeft om overdag een bezoek te brengen aan de viermaster Pommern, in de haven van Mariehamn. Het grotere zusterschip van de Plus is als museum ingericht. Behalve alle interessante objecten en schitterend foto- en filmmateriaal van zeiltochten naar Australië in de jaren dertig en veertig, zien we ook goed hoe het schip is opgebouwd: een prachtige kans om ons zonder tijdsdruk en invloed van stikstof en kou te oriënteren op herkenningspunten die we straks bij de Plus ook weer zullen vinden. 

Zeehonden

Maar eerst gaan we naar de Gävle en de Hesperius. De Gävle is een motorschip uit de jaren vijftig, gezonken in 1975 zonder menselijke slachtoffers. Het schip is, voor een wrak althans, in hele goede staat. Zelfs de sleutel van de kast met brandweermateriaal zit nog achter veiligheidsglas. We vermaken ons twee duiken lang op dit wrak, en komen er zelfs een school garnaaltjes, een grondeltje en een poon-achtige vis tegen.

Gavle

De Hesperius is er slechter aan toe. Dit negentiende eeuwse wrak is helemaal platgedrukt door het ijs dat zich alle winters tegen de kust ophoopt. Veel meer dan wat brokstukken en een flinke schroefas vinden we er niet – de schroef zelf ligt te diep. Het zicht is wel uitzonderlijk goed in de diepere lagen, wat het toch een mooie duik maakt.

Hesperius

En als we weer in de ondiepte komen, zie ik in een flits een enorm beest voorbij schieten… een zeehond! Helaas buiten bereik van de camera, en hoe ik ook wacht en rondkijk, meer dan een paar schaduwen is ons niet meer gegund, maar dit was toch wel bijzonder leuk! Aan de oppervlakte gekomen zien we dat er rond de rotspunt waar we zijn afgedaald een hele kolonie zeehonden in het water ligt. Allemaal nieuwsgierig, en op veilige afstand, met die grote ogen onze kant op kijkend. Volgens Lukas zijn ze er bijna altijd, maar nu was het wel een hele grote groep! We blijven nog even rondvaren om van dit schouwspel te genieten, maar op een gegeven moment is het dan toch tijd om verder te gaan.

We hebben na deze nog één hele dag duiken in het vooruitzicht. Daarna gaan we nog wat van de omgeving bekijken en een paar eilanden bezoeken voordat we door Zweden weer naar het zuiden rijden. Het is een verrassende duikvakantie geworden, in een prachtige omgeving. Het is het zeker waard om nog eens over te doen!



AalandDuiken rond Åland

Duiken rond Åland is interessant voor zowel recreatieve als technische duikers. Spreek van tevoren goed af of je met een gemengde groep op pad wilt: het is dan wel belangrijk het duikprogramma op ieders wensen af te stemmen.

Ville Lundqvist adviseert je graag over de mogelijkheden. Meer informatie vind je op http://www.divealand.com

Åland is met de veerboot goed bereikbaar vanaf Stockholm. De boot vaart meermalen per dag, en je kunt telefonisch of via internet reserveren. De duikschool heeft eenvoudige accommodatie, inclusief een gemeenschappelijke keuken en een sauna. Ze kunnen ook bemiddelen als je een hotel in de buurt zoekt.

De omgeving met zijn mooie natuur en historische plaatsjes leent zich uitstekend voor recreatie boven water en deze bestemming is prima geschikt voor een gezinsvakantie met eigen auto. Neem ook de tijd voor de route er naartoe en de terugweg, zodat je in Zweden de gelegenheid hebt om bijvoorbeeld een aantal kuststeden te bezoeken. Stockholm is een prachtige stad, en het Vasa Museum met zijn zeventiende eeuwse schip in vol ornaat mag je niet missen. Ook Kalmar, waar je de Kronan-tentoonstelling kunt bezoeken, is erg de moeite waard.

Noordkust van Aland